Sassenpoort

Sassenstraat 53

In 1409 is deze forse Stadspoort opgetrokken als vervanging van een ouder poortgebouw ‘die Zaggingporte’ dat zich waarschijnlijk aan het einde van de Krommejak bevond. Deze binnenpoort was één van de drie poorten die toegang gaven tot de stad Zwolle. De binnenpoort heeft aan de veldzijde een weergang met mesekouwen. Dat zijn gaten waardoor men kokende pek en olie kon gooien om de vijand bij de poort vandaan te houden. De ronde gaten onder de vensters op de bovenverdieping werden gebruikt voor falconetten of ‘slangen’ waarmee brandende vuurkogels naar beneden werden geworpen. De verdediging is gemaakt voor het gebruik van pijl en boog, kruisboog en speren. Tegen het geweld van kanonnen die omstreeks deze tijd in gebruik kwamen, waren de poort en de stadsmuren niet bestand. Daarom werd de stad al snel na de bouw van de Sassenpoort, voorzien van een dubbele vestinggracht. De poort sloot aan op de binnenste stadsmuur. Voor deze poort, tussen de twee grachten in, lag nog een tweede poort. De poorten stonden via bruggen met elkaar in verbinding en gaven onder andere toegang tot de weg via Assendorp naar Deventer.  De Sassenbuitenpoort werd later vervangen voor een aarden vestingwerk. Na het aanleggen van de bastions en vestingwerken (1592-1612) werd de Sassenpoort een gevangenis. Door tussenkomst van de Rijksbouwmeester Pierre Cuijpers en de Staatscretaris van Kunsten & Wetenschappen Victor de Stuers werd het poortgebouw gespaard voor de sloop. Architect Lokhorst ontwikkelde plannen en begeleidde de restauratie en verbouwing waarbij de poort zijn huidige bekroning kreeg.(1894-1897).

Meer informatie staat in de gratis flyer Open Monumentdag die in de poort te verkrijgen is.