Onze Lieve Vrouwenbasiliek (Peperbus)

Ossenmarkt 40

De Onze Lieve Vrouwebasiliek is een laat gotische kruiskerk die grotendeels gebouwd is in de 15de eeuw. In de 17de en 18de eeuw is de kerk niet voor liturgieviering gebruikt en pas in 1809 is de kerk door koning Lodewijk Napoleon aan de katholieke geloofsgemeenschap teruggegeven. In 1866 kreeg de kerk haar neogotische inrichting onder leiding van pastoor Otto Anthonius Spitzen. Hiervoor werd de beeldend kunstenaar Friedrich Wilhelm Mengelberg uit Utrecht aangetrokken. Veel van zijn werk is nu nog te bezichtigen. Na de grote restauratie van 1976-1980, waarbij de neogotische zijbeuken na ongeveer honderd jaar weer werden afgebroken, kreeg de kerk haar oorspronkelijke vorm als kruiskerk terug. Meer informatie is in de kerk te verkrijgen.

Met de bouw van de toren van de aan Onze Lieve Vrouwe gewijde kerk werd omstreeks het midden van de 15de eeuw begonnen. Wegens geldgebrek moest men bij de tweede geleding stoppen. Tussen 1478 en 1481 werd de toren verder verhoogd tot aan de eerste omloop. In de hoogste geleding van de toren romp kwamen toen in een klokkenstoel zes klokken te hangen. In 1537 besloten de kerkmeester de toren verder te verhogen met een lantaarn. Het werk werd opgedragen aan bouwmeester Simon Penet. Al spoedig bleek dat de bouw veel meer zou kosten dan vooraf berekend. Penet werd beschuldigd van fraude en vertrok met de noorderzon. In 1540 kwam in een aangepaste vorm het werk voorlopig gereed. Pas aan het einde van de 17de eeuw werd de toren van een uivormige bekroning voorzien. Na een brand in 1815, waarbij deze bekroning geheel uitbrandde, kreeg de lantaarn het huidige koepeldak die de toren de naam Peperbus opleverde. Het carillon, dat 42 klokken bevat, dateert uit 1930 en is door de 'Commissie tot overbrugging van den IJssel nabij het Katerveer' geschonken ter gelegenheid van de opening van de nieuwe IJsselbrug.

Meer informatie staat in de gratis flyers Open Monumentdag die in de kerk verkrijgbaar zijn.