Arme Fraterhuis

Praubstraat 17

 

Tussen de Praubstraat en de Goudsteeg stonden in de 16de eeuw de gebouwen voor de armere studenten van de Latijnse school. In Praubstraat 17 is nog een restant van het domus Clericorum aanwezig.  Dit klerkenhuis waar wel 200 studenten konden wonen, werd mogelijk gemaakt toen Johan Coeckman en zijn vrouw Fije een huis en erf aan de broeders verkochten. Voorwaarde was dat de broeders daar een “klercke fraterhuys” zouden stichten. Een huis aan de Diezerstraat waar de arme fraters toen nog woonden moesten de broeders dan wel verkopen. Onder het relatief moderne gebouw uit 1979  is de grote kelder met kruisgewelven op 7 zandsteen kolommen nog aanwezig. De historisch lijkende achtergevel van dit pand is een reconstructie van de gevel die oorspronkelijk dichter aan de Goudsteeg stond. Het totale complex was veel groter. Aan de Goudsteeg stond het Domus Pauperum(het armenhuis) dat bij de bouw van het nieuwe stadhuis werd gesloopt. Mogelijk maakte ook het Langhuis, Goudsteeg 8 onderdeel uit van het arme Fraterhuis. Het 16de eeuwse huis is met de naastliggende gebouwen na de Hervorming voor onderwijsdoeleinden gebruikt.